Datawijs met Thijs
Ongefilterd · notitie

Moneyball voor organisaties: waarom first-base-denken je meer oplevert dan AI-homeruns

Het boek Moneyball van Michael Lewis op een laptop

‘Youkilis was een dikke derdehonkman die niet kon rennen, niet kon gooien en niet kon fielden. Wat was het nut om dat te bekijken?’

Michael Lewis, Moneyball: The Art of Winning an Unfair Game (2003)

Aan het begin van hun samenwerking stond Paul DePodesta, Harvard-econoom, erop dat de scouts van de Oakland A’s college student Kevin Youkilis moesten bekijken. Daar zag Grady Fuson, hoofd scouting van de Oakland A’s, niks in. Wat moest hij met een jongen die niet kon rennen, niet kon gooien en niet kon fielden?

Drie maanden later had Youkilis het op één na hoogste on-base-percentage in heel het professionele honkbal, na Barry Bonds. Voor DePodesta werd hij “Euclis: the Greek god of walks”.

De Moneyball Methode

Ondanks beperkte middelen weten de Oakland A’s een record van 20 (!) achtereenvolgende wedstrijden te winnen. Hoe ze dat voor elkaar kregen? General manager Billy Beane en DePodesta brachten honkbal analyse terug naar de basis: om een punt te scoren moet je op het eerste honk komen. Zo scoor je punten en win je wedstrijden.

Daarmee ging de conventionele honkbal scouting op de schop: ziet iemand eruit als een honkballer; kan hij mooie duikvluchten naar het honk maken; heeft hij ‘star appeal’. Allemaal irrelevant.

De homerun-illusie

In organisaties werkt dit precies zo. ‘Datagedreven werken’ en ‘generative AI’ zijn de laatste modewoorden om sexy dashboards te bouwen. Een centraal super dataplatform waar finance, operations, IoT, HR, sales én marketingdata samenkomen. Eén magisch dashboard, realtime AI-voorspellingen bovenop een perfect datamodel, natuurlijk “future-proof”. Wie wil dat niet?

De werkelijkheid? Na een maand vergaderen steggelen Sales en Finance nog steeds over de definitie van iets eenvoudigs als omzet. Het wensenlijstje met features is uitgegroeid tot epische proporties en je zit met een roadmap waar je de komende 2 jaar mee vooruit kan. Geen wonder dat het projectteam het niet meer ziet zitten en al het momentum om iets voor elkaar te krijgen verdwenen is. Gaan voor de homerun is leuk als het lukt maar eindigt meestal in een vastgelopen project dat over budget gaat.

Wat in honkbal geldt, geldt ook in organisaties: kleine stappen zijn veel beter controleerbaar én leveren sneller meetbare resultaten op. Uiteindelijk draait het er ook in organisaties om dat je steeds het eerste honk verovert. Ofwel: zorg voor een reeks kleine, effectieve initiatieven die daadwerkelijk waarde toevoegen.

First-base-strategie: kleine initiatieven

De first-base-strategie is gebaseerd op het principe dat kleine stappen leiden tot grote resultaten. In plaats van te wachten op die ene spectaculaire AI-homerun, bouw je aan concreet en zichtbaar succes door regelmatig het eerste honk te bereiken. Iedere kleine stap levert direct resultaat, houdt het enthousiasme in je team vast en zorgt dat je snel kunt bijsturen als omstandigheden veranderen.

In dit hoofdstuk laat ik je stap-voor-stap zien hoe je deze aanpak in jouw organisatie toepast. Met vier concrete acties maak je direct impact en creëer je een duurzame basis voor succesvolle datagedreven initiatieven.

1. Beperk de scope

Hak je lange-termijndoel in in stukjes en kies een duidelijk onderwerp om op te focussen (bijvoorbeeld, besluitvorming versnellen, marge verhogen of klantervaring verbeteren). Daarna maak je dat grote onderwerp nog concreter en zorg je dat je per project (of epic zoals dat in de Agile methode genoemd wordt) één specifiek probleem oplost.

2. Lever iedere 2 weken waarde

Plan sprints van twee weken. Aan het eind demonstreer je iets tastbaars, hoe klein ook: een eenvoudig rapport dat alle aliassen van een materiaalcode laat zien, een lijst met klanten die wel product A hebben gekocht maar niet product B of een lijst met klanten die wel reserveonderdelen bestellen maar nog geen servicecontract hebben.

Bedenk daarnaast ook hoe succes eruit ziet, zodat je achteraf kan valideren dat de projecten die je oplevert inderdaad de waarde toevoegen die je verwachtte. Succes kan zijn “het rapport wordt dagelijks door engineering gebruikt” of “we hebben 10 eerste gesprekken gevoerd met bestaande klanten over een servicecontract”.

3. Meet direct je impact

Doordat je al hebt nagedacht hoe succes eruit ziet kun je makkelijk meten wat je impact is. Verzamel actief feedback over een rapportage. Hierbij geldt: geen feedback betekent waarschijnlijk dat er verbetering nodig is.

Levert je rapportage toch geen nieuwe gesprekken en contracten met klanten op? Dan is het tijd om een nieuwe hypothese op te stellen om te testen.

4. Vier je succes

Maak periodiek een overzicht van alle gelukte initiatieven om de energie voor nog meer kleine verbeteringen erin te houden.

Zorg dat je uit ogenschijnlijk mislukte projecten toch een succes kan halen. De rapportage die geen nieuwe gesprekken met klanten oplevert, heeft wel een beter inzicht in onze klanten opgeleverd. Dit gaat ons in de toekomst helpen wél de juiste initiatieven te ondernemen.

Hoe concreter en kleiner het succes, hoe makkelijker het voor de mensen in je organisatie wordt om zelf een vergelijkbaar idee om te zetten in een experiment. Door succes zichtbaar te maken stimuleer je nieuwe ideeën, omdat mensen zien dat kleine initiatieven écht gewaardeerd worden.

In het kort

Richt je op het behalen van het eerste honk. Beperk de scope, lever iedere 2 weken waarde en meet de impact direct. Vergeet je successen niet te vieren, ook dat mislukte experiment met nieuwe inzichten! Zo bouw je een cultuur van continue verbetering en behalen jullie net als Kevin Youkilis onverwachtse sterrenstatus.

Ook verschenen op LinkedIn.

Terug naar Ongefilterd